Het afdrukken is de makkelijke helft. Dit is het deel dat bepaalt of de afgewerkte poster er gemaakt uitziet of in elkaar geknutseld.
Werk op een groot, vlak oppervlak. Trek er meer tijd voor uit dan je denkt bij een poster van boven de twaalf vellen.
1. Sorteer voordat je snijdt
Leg elk vel met de bedrukte kant naar boven op zijn plek in het raster, voordat er een mes aan te pas komt.
Heb je paginanummers aangezet, dan vertellen de labels in de marge waar elk vel hoort. Zo niet, sorteer dan nu door de afbeelding te vergelijken — en zet ze de volgende keer aan.
Controleer op dit moment of er vellen ontbreken, nu de export nog open staat en er eentje opnieuw afdrukken niets voorstelt.
2. Bepaal of je gaat snijden of overlappen
Twee manieren van samenstellen, en ze vragen om verschillende sneden.
Kop aan kop — geen overlap
Snijd elk vel aan alle vier de zijden op zijn snijlijn en leg de bijgesneden randen tegen elkaar.
- Het strakste resultaat, als je nauwkeurig snijdt.
- Meedogenloos: een snede een millimeter binnen de lijn laat kaal papier over, en dat leest als een witte lijn op de afgewerkte poster.
- Gebruik een snijmachine of een hobbymes met een stalen liniaal. Een schaar dwaalt af.
Overlappen — de vergevingsgezinde manier
Met overlap aan drukt elke tegel een strook van de inhoud van zijn buur in de marge af, zodat een onnauwkeurige snede op verdubbelde afbeelding landt in plaats van op blanco papier.
De stroken worden afgedrukt aan de linker- en bovenrand van elke tegel — de zijde tegenover de schaarmarkeringen. Dus:
- Snijd vel A op zijn rechter snijlijn.
- Leg vel A over vel B, het vel er direct rechts van.
- De linkerstrook van B ligt onder A en vult elke kier die je snede heeft achtergelaten.
Werk per rij van links naar rechts en dan van boven naar beneden door de rijen, waarbij je het eerdere vel steeds over het latere legt. De buitenrand van de poster heeft geen strook — de eerste kolom heeft geen linkerbuur en boven de eerste rij zit niets — en die randen worden toch tot aan de posterrand bijgesneden.
Overlap is een Pro-functie.
3. Snijden
- Snijd de buitenrand van de poster als laatste. Die is je referentierand terwijl je bezig bent.
- Bewaar de restjes tot de poster af is. Een margestrook is handig om de uitlijning te controleren en om tape te testen.
- Snijd bij elk vel in dezelfde richting. Consistentie telt zwaarder dan perfectie: een gelijkmatige afwijking van een halve millimeter is onzichtbaar, een afwisselende niet.
4. Leg neer en controleer voordat je plakt
Leg de hele poster los neer, zonder tape, en bekijk hem van twee meter afstand. Naden die er van dichtbij goed uitzien, zijn juist de naden die op afstand opvallen.
Corrigeer nu. Na het plakken wordt corrigeren duur.
5. Plak de achterkant
- Werk van het midden naar buiten, zodat opgebouwde afwijkingen naar de randen worden geduwd in plaats van naar het midden van de afbeelding.
- Plak de achterkant, niet de voorkant. Tape aan de voorkant vangt licht en is op elke foto te zien.
- Leg tape over de volle lengte van elke naad in plaats van met stipjes. Bij stipjes gaat de naad open zodra het papier ontspant.
- Matte tape als je die hebt.
Voor een poster die veel wordt vastgepakt, plak je de naden ook aan de voorkant met doorzichtige matte tape, of monteer je het geheel op een achterplaat.
6. Monteren
Foamboard en spuitlijm geven het vlakste resultaat. Werk in dezelfde volgorde van midden naar buiten en houd een rakel of een zachte doek vóór het vel in beweging om bellen te voorkomen.
Als er een witte lijn in een naad zit
Dat is een snijkwestie en geen afdrukkwestie, en daar is een pagina voor: witte kieren wegwerken bij het aan elkaar plakken van tegeldrukken.